Een Duitse baardmankruik met rozenbladeren en rozenknoppen

Meer informatie aanvragen
Prijs op aanvraag

Wereldwijde verzending mogelijk

Herkomst
Duitsland, Keulen, Maximinenstrasse atelier
Periode
Eerste kwart 16e eeuw
Materiaal
Steengoed
Afmetingen
13 cm
Diameter
10.5 cm
Literatuur

Christel van Hees, Baardmannen en puntneuzen. Vorm, gebruik en betekenis van gezichtskruiken 1500-1700, Zwolle 2002.
A. Bruijn en J.G.N. Renaud, In kannen en kruiken: Nederlands gebruiksaardewerk van de 11e tot de 16e eeuw, Rotterdam 1963.
W.F. Renaud, H.J.E. van Beuningen, Verdraaid goed gedraaid: verzameling H.J.E. van Beuningen, Rotterdam 1973, pp. 38-43.  
Ekkart Klinge, Duits steengoed/ German stoneware, Rijksmuseum Amsterdam/ Waanders Zwolle, 1996, pp. 10-23 en 44-57.
John G. Hurst, David S. Neal, H.J.E. van Beuningen, with contrib. by Ann Clark, Pottery produced and traded in north-west Europe 1350-1650, Rotterdam Papers VI, A contribution to medieval archeology, Rotterdam 1986, pp. 208-221.
Heinrich Hellebrandt, Otto Eugen Mayer, Raerener Steinzeug; 15 Jahre Grabungen im Raerener Land, Aken 1967, pp. 9-29.
Ingeborg Unger, Die Kunst des deutschen Steinzeugs: Collection Karl und Petra Amendt und der Krefelder Kunstmuseen, Krefeld 2013, pp. 34-65.
Konrad Strauss, Frieder Aichele, Steinzeug / Battenberg Antiquitäten-Kataloge, Battenberg 1980, pp. 50-59.
Gisela Reineking-von Bock, Steinzeug, Kataloge des Kunstgewerbemuseums Köln; vol. 4, Keulen 1986, pp. 225-257.

Provenance

Collectie E. Van Dregt
Collectie B. Overduin, Bloemendaal/ Spain

Vragen over dit object?

Kies een van de onderstaande contactmogelijkheden:

Omschrijving

Deze baardmankruik, met zijn karakteristieke grijze kleikleur bedekt met een lichtbruine engobe, is gemaakt in Keulen, Duitsland, waarschijnlijk in een Maximinenstrasse-werkplaats, in het eerste kwart van de zestiende eeuw. Op de hals is een karakteristiek baardmasker aangebracht, het lichaam van de kruik is verfijnd versierd met reliëfdecoraties van takken met rozenblaadjes en rozenknoppen.

De hoge kwaliteit van het zoutglazuur en de uitstekende uitvoering van de versieringen op de baardmankruik wijzen op een herkomst uit een Maximinenstrasse werkplaats. Immigranten pottenbakkers uit nabijgelegen regio's vestigden fabrieken voornamelijk in de Maximinenstrasse, en daarom was dat gebied van Keulen in de zestiende eeuw een van de belangrijkste productielocaties voor steengoed in de stad.

De baardmankruik werd hoogstwaarschijnlijk gebruikt voor de consumptie van alcoholische dranken, zoals bier of (misschien) wijn. Omdat het serviesgoed was, waren ze luxueus en rijkelijk versierd en door hun relatief kleine formaat en wijde hals waren ze geschikt zijn om direct uit te drinken. Baardmankruiken uit latere tijden, tegen het einde van de zestiende en zeventiende eeuw, zijn niet zozeer klein, en hebben een smalle hals waardoor ze geschikt zijn als voorraadkruik.

Baardman (ook bekend als Bruin Frechen of Bellarmine) kruiken zijn het meest bekend om de kenmerkende bebaarde figuur op de hals van de kruik. De kruiken waren sinds de middeleeuwen erg gewild in Europa. Ze werden gemaakt in Duitsland van 1500-1770, oorspronkelijk geproduceerd in Keulen, maar kort daarna op meer plaatsen in het Rijnland, met name in Keulen, Frechen, Langerwehe, Raeren en Westerwald. De natuurlijke bronnen in deze gebieden waren zeer geschikt voor de aardewerkindustrie, vooral de fijne, schone klei. Bij de hoge temperatuur die nodig was om het aardewerk van steengoed te bakken, 'smolten' de elementen van deze klei samen, waardoor de stof steenhard en volledig waterdicht werd. Dergelijk steengoed was dan ook uitstekend geschikt als opslagkruik of serviesgoed voor vloeistoffen. De steengoedkruiken waren gedecoreerd met in reliëf aangebrachte gebaarde gezichtsmaskers in combinatie met verschillende andere decoraties, zoals bloemmotieven, medaillons of zelfs aforistische zinspreuken.
Een voorbeeld van een baardmankruik met een vergelijkbare decoratie wordt genoemd in Ingeborg Unger, Die Kunst des deutschen Steinzeugs: Collection Karl und Petra Amendt und der Krefelder Kunstmuseen, Krefeld 2013, figuur 5, p. 38.

Legal


Site by Artimin